Van land-art tot literatuur

Het was dit jaar een actieve vakantie. Na het festival Deventer op Stelten meteen op pad. Eerst in 11 dagen 700 km fietsen naar Parijs. Onderweg veel grote en kleine cultuur gezien. Land-art, cultuurhistorie, religieuze kunst, straattheater en -muziek, architectuur en landschap. En dan natuurlijk de Franse hoofdstad! Onwillekeurig vergelijk je wat je ziet met wat je kent uit de eigen omgeving (Parijs even uitgezonderd, te uniek). Het was goed voor de conditie, ontspannend en we hebben genoten.

Vervolgens met de trein door naar Bretagne. Daar zou ik mijn broer helpen met het leggen van ruim 70 vierkante meter lei op het dak van zijn ‘schuur’. Of beter: historisch erfgoed. Opgebouwd uit keien met een klassiek dak. Ervaren wat het betekent om dat erfgoed te onderhouden: zes dagen timmeren en duizenden leitjes het dak opgetild en vastgelegd. Zere spieren, kapotte vingertoppen, halsbrekende toeren, maar leuk!

Natuurlijk hebben we ook daar weer cultuur opgezocht. Ik werd verrast door de betrokkenheid van inwoners bij de regionale muziek, de behoefte die er is aan bevestiging van de eigen identiteit. Spontaan werd er door enthousiaste omstanders deelgenomen aan ‘rijdansen’. Omdat het bijna in de genen zit en ze de passen door en door kennen. Maar niet alleen regionale festivals trekken veel publiek. De bevolking neemt ook graag kennis van cultuuruitingen van elders.

En dan weer terug naar Overijssel. Eerste activiteit: de Deventer Boekenmarkt. Ondanks de regen een grote schare liefhebbers. Op zoek naar dat ene ontbrekende boek, literatuur.
De cirkel van mijn zomer is rond. Mijn conclusie: cultuur in al zijn vormen maakt het leven zeer de moeite waard!

Dick Buursink

Gedeputeerde Cultuur, Europa en Stedelijke Netwerken
Provincie Overijssel